23 december 1939

Brief van Max van Dam aan Jaap Hemelrijk

                                                                                              Amsterdam.

                                                                                              Zaterdag. (Kerstvac 1939)

Lieve vriend Jaap,

Ik zit voor ’t raam in de Scheldestraat en kijk uit over een wonderlijk land van fijne grijzen met hier en daar een bruine toon, overzaaid met hier en daar sneeuw regen en verzadigde luchten.

’t Landschap heeft iets van ’t geziene. Ik merk ’t niet op. Maar ’t landschap merkt mij op. En verwijt me m’n onrust – en ik denk aan Weyand. Ik begrijp er iets meer van. Ik zeg je Jaap je hebt gelijk! Het is de kunstenaar die telt. Het zit hem vooral in ’t portret van Eit. En het groote stilleven met de goud fazant, in de huiskamer – daar zit hier en daar iets van de bereikte ‘objektiviteit’ in. Ik kan je zo de stukken er in aanwijzen. Ik zag ’t een 10 min voor ik wegging. Toen we bij elkaar zaten – en ’t bleef me bij de hele treinreis en daarna thuis. Zoals de witte lap ligt over die blauwe plank. En zoals het vaasje tegen de foud staat.

Er is ’t portret van Eit de kop en de foud niet de kop tegen de foud die binden elkaar nog niet. ’t Is nog te analy tiex gezien, en analyties gebleven.

Dat streven naar objektiviteit is grandioos het is een haast, ‘religieuze’ objektiviteit. Dat werk is oerHollandsch en reike naar de 16e eeuw (niet de 17de!) de gespannen 16e eeuw!

Met al onze uit ’t lood geslagen -ismen zijn we nog geen stap verder gekomen.

Een Vermeer van Delft moet met z’n 16e eeuwsche geest naast Rembrandt even eenzaam zijn geweest als Jaap Weyand naast… niks nu –

Daarom Jaap – heb je gelijk – heb je altijd gelijk – en ben je een peadagoog artiest – want telkens als ik je weer zie zet je me op m’n benen – komen m’n kleine zorgjes en je kompliceerdheden me klein voor. Als m’n eigen ‘gevangen appeltjes’ in het Stilleven boven – en jij bent ’t lichtende fruitmandje op de roode tafel!

Zoals Weyand tot ‘objectiviteit’ komt via ’t analytiese zien – tracht ik tot die objekeit (het grote het!) te komen via ’t synthetiese zien. Dat is mijn aard en m’n temperament.

Het stilleven is een poging!

Ik vraag je om waardering om die poging – en om hulp zo als alleen jij die geven kunt.

Je bent een groot vriend. Ik hou ontzettend veel van je

Heel veel goeds en alles je Max