Dr. J. Hemelrijk, “De Spar”, Bergen (Noord Holland)
Max
Amsterdam
Beste Jaap,
Midden in de icongrafie – stop – en ik overzie wat ik heb gedaan die 14 dagen. Ik ben tamelijk tevreden, want ik heb gedaan wat ik me voorstelde te doen. Anatomie is bijna klaar opt ’t been na. In Mâle ben ik goed op streek
L’art réligieux du XIII-siècle – erg interessant die iconographie. En soms echt fijn want hij bespreekt tot op de bodem de beteekenis van alle mogelijke figuren die aan een kathedraal voorkomen de kathedraal ‘c’est la conscience’ du moyen age’
Prachtig zoals ’t wordt uitgesponnen – ‘Le genie du moyen âge fut un génie harmonieux. Le Paradie de Dante et les porches de Chartres sont des symphonies.
L’art du XIII-siècle merite d’être défini – une musique fixée.
De spanning tusschen vrijheid en gebondenheid, de wisselwerking tusschen vrije en dienende kunst blijkt een polarisatie te zijn. Hoe vrij worden ’t dienende en hoe dienend het vrije.
In Holland teruggekomen – in jouw veiligheid van ‘De Spar’ – was ik alles kwijt. Verloren en eenzaam. Nu ik hier op dit kamertje van Jan zit en achtereenvolgens weer voor de ‘kathedraal van Chratres, dan weer op een regenachtige dag tuur naar de beelden van de facaaden van de Notre Dam in Parijs, dan weggedoken tegen een pijler naar het portaal van het kerkje te Vezelay – en verder met dat innerlijke plezier dat toch alleen maar ’t beschouwen van kunstwerken geven kan… naar die eenvoudige beelding kan kijken van ‘des Vices et les Vertus’ – allez onzin. Maar levend. En vooral zo zuiver – ‘l’âime est un champ de bataille’ dat is het Romaans gekarakteriseerd – met een afleiding naar de antieken. ‘Entre dan l’homme contre la fatalité.
Hoe de jaargetijden zijn voorgesteld! Met ’t deeken van de dierenriem. Liturgien voorgeschreven – maar ’t zijn direkt geziene figuren de boeren van de velden rond ‘ ’t massif central’ – en ik kom zo hier weer tegen
Zoals ik je van de zomer ben tegen gekomen. Mij zijn nu dierbaar geworden die enkele teekening vaneenvoudige boeren gemaakt rondom Vezelay en iets westelijker Chatel Montagne.
‘C’est lourd – hè-la route’ – en dat gebaar typisch Fransch. Zo slaan met de hand even, ontspannend vingers.
En ik antwoord. – – Ça va. – – Je viendrai. – Alors ‘Bon courage’ – zegt dan de boer – en ik kreeg wijn van hem. En ik heb weer veel moed om verder te gaan.
Zo ook nu…
Mij breekt ’t door dat ’t gaat om die eenvoud en om die verdieping. Zowel als ’t gaat om die synthese als om ’t detail.
Ik raak die noodelooze haast kwijt. Ik merk ’t als ik modelteeken. Ik ben meer ‘open’ geworden. Voor de bouw van iets. De constructie van een kop en lichaam. En voor denkbeelden van anderen.
Dus ’t gaat ’t goede richting uit.
Geduld maar. En vooral eenvoudig. Geen groote dingen willen doen. Dat komt wel… als ’t rijp is. Of ’t komt niet.
Winterswijk
Nu ben ik juist in W’wijk. En ben direkt aan ’t landschap begonnen met bloeiende bomen. Ik moest gaan. Omdat ’t schilderij eerder af moet dan was afgesproken.
Ik heb 2 ochtenden al geschilderd en werkelijk ’n eenvoudige en rustige studie zonder pretenties – ik zou zeggen ‘hoera’.
Nu maak ’t heelemaal af en begin ’t schilderij.
Ik heb maar een week en ik voel me niet gehaast.
Er is een goede concentratie.
30 April ben ik weer in Amsterdam.
Ik werk ‘smorgens aan ’t schilderij
Studeer ‘smiddags en ‘savonds.
Hartelijke groeten aan allen
Max.